Ahl-i Sunnah wal-Djamaa’ah betekent lieden van de soenna en de soenna (de handelingen van de profeet) gemeenschap; degenen die verbonden zijn aan de soenna van de profeet en zijn metgezellen. 1 Zij volgen hen in hun godsdienst en nemen hun methoden over.

De lieden van de soenna zijn verenigd in de Koran en de soenna en nemen de Koran en de soenna als bron in plaats van de rede en wijken hier niet van af als gemeenschap. 

De lieden van de soenna 'Ahl-i Sunnah' volgen de profeet in de soenna; 'Ahl-i Djamaa’ah' is de gemachtigde gemeenschap die zijn metgezellen als rechtvaardig beschouwt en hun methoden volgen in hun godsdienstbeleving, samen worden ze de ' Ahl-i Sunnah wal-Djamaa’ah' of lieden van de soenna en soenna gemeenschap genoemd.

De term Ahl-i Sunnah is geen benaming die in de Koran of soenna voorkomt om de moslim te definiëren. Het is een bepaling die moslims zichzelf hebben aangemeten om zichzelf van degenen die niet de Islam volgen zoals door de profeet aangeleerd en beleefd werd. Het is ook geen term die de profeet ons geleerd heeft. Toen volgelingen stelden dat zij 'aanhangers van de metgezel Ali en Shīʿa zijn' reageerden moslims om hun eigen positie hiertegenover in te nemen: 'Als jullie zo zijn, zijn wij de gemeenschap van de soenna'. Dus ze stelden ‘als jullie Shīʿa zijn, dan begeven wij ons tot de Islam die de profeet heeft beleefd en aangeleerd en zijn metgezellen en aanhangers hebben gevolgd. De metgezel Ali was trouwens ook zo’.

Het is correcter om ons zelf te identificeren als Moslim in plaats van Soenniet. Er zijn verschillende percepties van de Islam. Als er gevraagd wordt ‘Wat voor een moslim ben je?’ dan kan geantwoord worden met "Ik ben een Soenniet/Ahl-i Sunnah Moslim". Hiermee wordt de Islam bedoeld zoals de profeet heeft beleefd en aangeleerd. De İslam is Ahl-i Sunnah en omgekeerd. Hoewel dit zo is, identificeren wij ons als Moslim.

Als de beginselen van de Soennieten gekend zijn, wordt duidelijk in welke opzichten de visie van degenen die dit niet volgen verschilt. 

Indicaties van de Soennisme:

1. Allah bestaat en is geen ander god dan Allah.

2. Engelen bestaan.

3. Heilige boeken zijn waarachtig.

4. De Koran is het woord van Allah, het is geen schepsel.

5. Mohammed (v.z.m.h.) is de laatste profeet.

6. Het weder opstaan na de dood is waarachtig.

7. De hemel en hel zijn geschapen en zijn oneindig.

8. Geloven in het lot is één van de zes pijlers van het geloof.

9. Deugd en ondeugd zijn door Allah geschapen. De mens beschikt over een vrije wil. Hij is zelf verantwoordelijk voor zijn zonden. 

10. Niets is verborgen voor Allah zijn kennis.

11. Hadith 2  en soenna 3  zijn de bron van de Islam.

12. De metgezellen van de profeet ‘Sahaba 4  zijn na de profeten de meest verhevenen onder de mensen. 

13. De stromingen ‘madhhabs’ bestaan en zijn waarachtig.

14. Grote zonde begaan maakt iemand niet ongelovig maar maakt een zondaar.

15. Een zondaar die als moslim sterft, wordt in hel gestraft maar blijft er niet eeuwig in.

16. Mirakels van de profeten bestaan en zijn waarachtig.

17. Wonderen (karamat) 5 van de heiligen bestaan en zijn waarachtig.

18. Bezichtiging van Allah vanuit de hemel is waarachtig en zal gebeuren.

19. De bemiddeling, 6  de overgang, 7  het oordeel 8  en weegschaal 9  in het Hiernamaals zijn waarachtig.

20. De hemel is een beloning en de hel is rechtvaardiging (Bestraffing in de hel is een rechtvaardiging omwille van de zonden).

21. In het graf zijn de bevraging, de kwelling en zegening waarachtig. 

22. De Hemelvaart van de profeet Mohammed (v.z.m.h) is waarachtig. De Hemelvaart heeft plaatsgevonden zowel met ziel als lichaam.

23. De voortekenen van het Einde des tijds (Apocalyps) bestaan.

24. De gebeden van levenden aan overledenen zijn waarachtig.

25. De rituele wassing bovenop een lederen ademende schoen is waarachtig.

26. Wie zegt dat hij moslim is, kan niet ongelovig genoemd worden.

27. Een huwelijk is niet geldig voor een bepaalde duur en/of voor een bepaald bedrag.

28. Allah is niet verbonden aan tijd en ruimte.

29. Alleen Allah kent de toekomst en kan dit kenbaar maken aan zijn profeten of heiligen.

30. De ziel is onsterfelijk. De zielen van gelovigen en niet gelovigen kunnen horen.

31. Het grafbezoek is toelaatbaar.

32. Enkel de intensiteit van het geloof verandert, het geloof zelf vermeerdert of vermindert niet.

33. Aboe Bakr (beste vriend van profeet Mohammed) is de meest verhevene onder de metgezellen (Sahaba). 


 

 

Bronnen, noten en referenties

  1. Ashab: Vrienden, metgezellen van de profeet, degenen die hem hebben ontmoet en zijn prediken hebben bijgewoond.
  2. Hadith: Woorden en toespraken van de profeet Mohammed.
  3. Soenna: Is alles wat de profeet Mohammed gedurende zijn hele leven zei en deed.
  4. De Sahaba of metgezellen is de groep van personen die in de tijd van de profeet v.z.m.h. heeft geleefd. Een sahaba kende of zag Mohammed (v.z.m.h.) persoonlijk en geloofde in zijn leer.
  5. Karamat: Een wonder dat door een persoonlijkheid die geen profeet is, wordt bewerkstelligd.
  6. De Bemiddeling (Shafa'a) is de autorisatie en toestemming van Allah, met zijn toestemming, voor enkele speciale mensen zoals profeten die Hij heeft gekozen voor de vergeving van zondige mensen op de Dag des Oordeels.
  7. De Overgang (As-Sirāt) is een brug die over de hel loopt, ieder mens moet over deze brug. Gelovigen passeren deze brug en ongelovigen vallen in het hellevuur.
  8. Het Oordeel (al-Hisaab) is een begrip voor een dag waarop over alle mensen een oordeel geveld zal worden door Allah.
  9. De goede en slechte daden zullen op de Weegschaal (al-Mizaan) gewogen worden per persoon.